woensdag 1 februari 2012

Ik heb een vraag .BE

Ik heb een vraag - homepage

In mijn vorig bericht schreef ik  mijn bedenking waarom we van links naar rechts schrijven, en van boven naar onder. Is er een reden waarom het niet anders was? Ik heb mijn vraag gestuurd naar de officiële wetenschappelijke website ik heb een vraag.be. De spelregels zijn het volgende. Eerst en vooral mag je vraag nog niet door iemand anders voorgesteld en beantwoord zijn. Een vraag die niet relevant is wordt dus niet beantwoord. Na een maand krijg je dan een mail (zonder reden) dat je vraag niet voldoet, reeds beantwoord is of niet zal beantwoord worden.

In het beste geval krijg je vrij snel een antwoord terug. Ik heb geluk. Dat het duidelijk een moeilijke materie is, blijkt uit het antwoord van de professor. Voor een deel is het beantwoord. Het andere deel 'het effectieve waarom' zal dus volgens mij toch puur toeval zijn.

Waarom lezen en schrijven we van links naar rechts, en van boven naar onder?

27/01/2012 - Jo (39 jaar)

Kunst & Taal Context van de vraag:


In de meeste talen in de wereld en zeker in Europa lezen en schrijven we van links naar rechts, en van boven naar onder. Is dit puur op toeval berust of heeft dit met onze hersenen te maken? Want zou het mogelijk zijn een kind te leren lezen en schrijven met de woorden in juiste volgorde die dan een zin vormen, wel te beginnen van onder naar boven, en van rechts naar links?
En mochten wij sinds de oudheid toch 'omgekeerd' begonnen zijn, zou dat een invloed gehad hebben in ons dagelijks leven, taal, grammatica, enz...?


Voorbeeld:

"!dlerew edreekegmo eD."

Op onze manier gelezen: "De omgekeerde wereld!"

En waarom beginnen we niet onderaan het blad?

Dit lijkt wel heel belachelijk, maar is dit wel zo?

Antwoord

Beste Jo,

Ik kan uw vraag slechts gedeeltelijk beantwoorden, want ik ben een specialist van de klassieke Oudheid. In de Griekse Oudheid heeft men teksten die van rechts naar links geschreven zijn, en zelfs teksten die afwisselend de ene regel van rechts naar links geschreven zijn en de volgende regel van links naar rechts, en dan weer van rechts naar links, enz. Dat is wat men het boustrophedon-schrift noemt (afbeelding zie: http://en.wikipedia.org/wiki/Boustrophedon).

In dat systeem wordt ook de richting van de letters gedraaid, bv. de E, de Σ. Dat toont volgens mij al dat een schrijfrichting zuiver conventioneel vastgelegd wordt. Het is anderzijds wel zo dat voor een rechtshandige het gemakkelijker is een tekst van links naar rechts te schrijven. Maar anderzijds mogen we ook niet vergeten dat het Arabisch bv. van rechts naar links geschreven wordt.
 
 
Voor wat het aanleren aan een kind betreft, denk ik dat een kind zich gewoon schikt naar wat aangeleerd wordt. Het kind bootst na wat het ziet en hoort. Van onder naar boven, en van rechts naar links maken dus niets uit.
 
 
Deze vraag werd beantwoord door:
professor Cecilia SAERENS
hoofddocent VUB

maandag 30 januari 2012

Van links naar rechts

(vervolg van 03-01-10: eigen boek 'het toeval van ons denken')










Is het normaal dat we van links naar rechts lezen en schrijven? Bijgevolg nog eens van boven naar onder. Maar is 'normaal' gewoon normaal? Of moeten we het zoeken in de richting van het toeval? Want  zou je het ook normaal vinden mocht je ooit geleerd hebben om van onder naar boven en van rechts naar links  literatuur te schrijven en te doornemen?

Hersenen

Zijn het onze hersenen geweest die dit hebben bepaald of is het de eerste mens op onze planeet die het echt nodig vond om op deze manier literatuur te beheersen? Onszelf testen om het eens anders te doen is onbegonnen werk. Je moet het werkelijk vanaf de geboorte ingelepeld krijgen. Er zijn ook veel meer rechtshandigen dan linkshandigen. Heeft dat iets met onze manier te maken? Twijfel alom. In sommige andere landen met zeldzame talen, vooral tekens, wordt wel van rechts naar links en van onder naar boven geschreven. Dus, deze gedachte is misschien niet echt belachelijk. We blijven zoeken in de richting van het toeval.

Levenstijl

Hoe zou ons leven georganiseerd zijn mochten we omgekeerd literatuur beheersen? Zou onze taal anders geëvolueerd zijn? Grammatica zou wel eens helemaal anders kunnen uitzien. En de boekrug rechts in plaats van links. Dit is nu ondenkbaar. Wij zijn gemaakt om ons  aan te passen. Daar bestaat geen twijfel over. Maar aan dat aanpassen is er wel een grens. Er zijn maar enkele landen waar er aan de linkerkant van de baan wordt gereden. Gewoonweg omdat Napoleon niet in Engeland is geraakt. Anders zouden we ons waarschijnlijk nooit kunnen inbeelden wat het zou  zijn om aan de linkerkant te rijden. Dit is nu ook zo met onze lees-en schrijftaal. Want ja, waarom is de eerste mens die schreef begonnen aan de linkerkant van het stenen blad? En was hij een rechts- of een linkshandige?

Anders

Uit wat blijkt dat het beter is om bovenaan een blad te beginnen? Zou het alfabet per taal er anders kunnen uitzien? Zouden we  slimmer op kunnen vooruitgaan in onze ontwikkeling? Niemand zal het kunnen zeggen. Als je nu deze tekst gewoon eens anders zou lezen: de eerste paragraaf zet je onderaan en dan erboven de tweede, enz... Dit zou toch niet zo moeilijk kunnen zijn. Als je nu  de letters van rechts naar links plaatst, en ook zo gaat lezen  - zoals: ".sthcer raan sknil naV" (Van links naar rechts) - dan is dit vrij moeilijk. Toch zou het door veel oefenen mogelijk  zijn. Maar nu zouden we het nut er niet van inzien. Maar wat was de inspiratie van de eerste schrijvende mens geweest?

 Want, je kan niet lezen als je nooit iets geschreven hebt, en je kan niet schrijven als je nooit iets gesproken hebt. Waarom begin je dan links te schrijven?

(eigen boek: "het toeval van ons denken"- verbeteringen, suggesties altijd welkom - torromolinos@hotmail.com - wordt vervolgd)

donderdag 26 januari 2012

Van waar ben je afkomstig?

Leuke anekdote


In een wachtzaal









X: Van waar ben je afkomstig?
Ik: van India.

X: Wel, ik was aan het twijfelen.
Ik: Ja?

X: Ik dacht ofwel Pakistan, ofwel India. Maar ik dacht wel India.
Ik: Wel, je hebt goed gekokt.

X: Want ja, Pakistan dat is ...Al Qaida, hé!
Ik: ?!



maandag 17 oktober 2011

Waar zit onze moraal .... in China?


Ik bekeek net een filmpje gemaakt door een bewakingscamera.... in China. Het toont een steegje waar een klein kind van twee jaar midden op de straat staat. Het kind kent geen gevaar. Een kleine witte bestelwagen komt aangereden en rijdt het arme kind omver. Het kind ligt op de grond. Er passeren twee voorbijgangers, maar kijken blijkbaar niet naar het kind om. Een tweede bestelwagen rijdt nog eens over het kindje. Hij moet blijkbaar opgemerkt hebben  dat er iets niet juist was, en reed ook weg. Daarna passeren er verschillende volwassen mensen te voet of met fiets 18 wel te verstaan -  die al of niet naar het kind omkeken.... die levensgevaarlijk gewond op straat lag. Eén vrouw snelde uiteindelijk het kind te hulp. Riep waarschijnlijk nog naar iemand. De mama kwam naar buiten en nam het kind mee en verwittigde de hulpdiensten. Even later zien we  uit beelden van het nieuws dat het kind in intensieve zorgen ligt. Volgens de laatste berichten zou  de kleuter hersendood zijn. Groot verdriet voor de ouders.

Het is niet de eerste keer dat ik zo iets ergs zie in het verkeer in China. Het is zo wraakroepend dat een mens zo kan zijn. We zijn nochtans sociale wezens. We beseffen toch wel goed wat een noodsituatie is. Maar China is niet zo emotieloos als we denken. Het feit dat het nieuws daar een heel lang item aan besteedde, doet ons toch  nadenken wat er in hun maatschappij fout loopt. Wereldwijd op tv en in kranten werd dit gruwelijk nieuws overgenomen. Dat de 'dader' die vluchtsmisdrijf pleegde uiteindelijk werd opgepakt mag een opluchting zijn. De tweede chauffeur moet nog gevonden worden, maar het is niet zeker of hij wist over wat hij reed. Erger vind ik, maar de publieke opinie ook, hoe de andere voorbijgangers gewoon niks deden. Zij konden toch niet denken dat er daar een klein kind lag te slapen?

Maar laten we niet één land gaan veroordelen. Ook in India kom je zo eigenaardige taferelen tegen. Een verkeersslachtoffer die dood ligt op straat. Dagen later ligt die er nog. Niemand die het lichaam opeist. Waar zijn we in godsnaam mee bezig! Ook in België plegen we vluchtmisdrijven. Is dit een afweermechanisme van de mens? In de Belgische wet is het een misdrijf als we geen hulp bieden aan mensen in nood. Als je zelf niet deskundig genoeg bent, dan volstaat het om iemands anders te roepen of de hulpdiensten te bellen. Je hebt in ieder geval iets gedaan. Ik ben ervan overtuigd dat de mens de intentie heeft om iets te doen. Beelden zeggen ook niet alles. Een cultuur ken je maar het best als je daar woont of lang hebt verbleven. We kennen de achtergrond niet van dat kind, welke sociale klasse, enzovoorts...  En is dat wel nodig? Dat verklaart toch niet dat we geen hulp moeten bieden.

In de dierenwereld zien we dat beesten elkaar nieuwe dingen aanleren, elkaar beschermen, zonder echt over na te denken: instinctief. Zijn wij - de mens - ons moreel fatsoen aan het verliezen?

woensdag 21 september 2011

"snotvalling"



het snot zit vast!
snuiten, snuiven, snoeteren
cleenex in de neus ploeteren
ongemakkelijk, wat een last!

zaterdag 17 september 2011

1 op 100



Een tijdje geleden ben ik naar een voordracht geweest georganiseerd door Breinwijzer in Gent. Het thema is nog altijd een zwaarbeladen onderwerp, en wie deze ziekte heeft wil er toch liever over zwijgen. ‘Psychose: de pest of toch nog levenskansen?Psychiater Dr. Claudine Mertens had interessante info te vertellen. Als één op honderd mensen deze ziekte kan krijgen, dan schrik ik toch even. Ze heeft getwijfeld over de titel van het onderwerp. Schizofrenie heeft een negatieve bijklank, zeker geen  populair woord in onze bevolking. Vooral veel misverstanden. Ik wil proberen de lezer een duidelijker beeld te geven over deze ziekte aan de hand van haar lezing, literatuurstudie en uit eigen (beperkte) ervaring in de hulpverlening voor deze zorgvragers. Want ik kan je verzekeren dat je met deze mensen een normaal gesprek kan aangaan.

Maar hoe krijg je dan deze ziekte?  Voor een deel is het biologisch verklaard. Vooral dopamine, een neurotransmitter, die te overactief is en kan zorgen voor deze aandoening. Ten tweede het kwetsbaarheid-stressmodel maakt dat iemand verhoogd gevoelig geraakt.  M.a.w. het is een resultaat van ingewikkelde interactie tussen gevoeligheid en belastende invloeden. Ten derde heb je de sociale factor. Een beperkt incasseringsvermogen bij stress of een onverwachte  emotionele gebeurtenis (trauma). Zonder het te beseffen kan dit de start zijn van heel wat psychische problemen. Hierbij kan een heel opdringerige kritische omgeving enorm belastend zijn. Als de eisen in een sociaal functioneren te hoog zijn, dan brengt dat bedreiging en spanning met zich mee. Een gevolg van psychose zijn de psychologische factoren: beperking in het cognitief functioneren (concentratiestoornissen en snelle vermoeidheid), verwerking van prikkels en een uitlokkende factor die snel of gelijktijdig op je afkomt.

Psychose is maar een onderdeel of een heel klein stukje. Psychotische symptomen of positieve symptomen hebben vooral te maken met zaken die je vroeger niet had en nu wel. Zoals bijvoorbeeld hallucinaties en wanen. Het ene heeft te maken met de zintuigen (waarneming), het andere met je denkwereld. Ze zijn beiden niet corrigeerbaar. Hiermee bedoel ik dat wanneer iemand stemmen hoort, en jij hoort ze niet, deze persoon dat werkelijk ook hoort. Hij of zij kan zichzelf niet overtuigen dat dit niet echt is, m.a.w. oncorrigeerbaar. De wanen zijn gedachten waarbij de persoon denkt dat hij bijvoorbeeld echt achtervolgd wordt, dat hij beïnvloed wordt door wat er in een film gebeurt, enz… Zelfs tot het magische denken toe. Probeer je dat maar eens in te beelden. Dit is heel frustrerend.

Maar de arts zei dat psychose in feite nog meevalt. Met medicatie kan men grotendeels en voor langere periodes deze vervelende symptomen verminderen of zelfs doen verdwijnen. Maar als er regelmatig veel herval is, en de symptomen blijven lang aanhouden (bijvoorbeeld zes maanden of meer), dan spreekt men over schizofrenie. De negatieve symptomen zijn een gevolg en een wezenlijk aspect van het psychotisch ziektebeeld. Ze zijn veel meer kenmerkend en erger  dan de psychotische. De negatieve zijn de zaken die je vroeger wel had en nu niet meer. Bijvoorbeeld: structuur aanhouden in dagorde, kamerorde, persoonlijke hygiëne, enz… Het omgekeerde wordt omschreven als initiatiefverlies, verminderde sociale contacten, spraakarmoede, afvlakking van het gevoelsleven, vertraagd denken en gedachteblokkade. Maar het houdt niet op. Naast deze symptomen heb je nog stoornissen die verder je leven beïnvloeden. Gedragstoornissen en stoornissen op het emotioneel leven (vervlakking, neerslachtige buien).

In onze maatschappij is het belangrijk om vroege opsporing te doen. Een psychotische zorgvrager wordt niet per definitie schizofreen. Toch zijn er vroegtijdige signalen die kunnen wijzen op een probleem in de latere toekomst. We noemen ze de prodromale symptomen (‘early warning signs’): angst, somberheid, rusteloosheid, slechte concentratie, slaapproblemen, zich vaak terughoudend opstellen, opvallende gedragsveranderingen en natuurlijk enkele korte periodes van positieve symptomen. Oei, maar dat heeft iedereen wel eens, hoor ik zo denken. Wel het grote gevaar is dat men dit snel gaat verwarren met een depressie. Een psychotisch iemand kan wel depressief zijn, maar een zuivere depressieve zorgvrager heeft geen hallucinaties of wanen. Als een psychotisch iemand zich vrijwillig komt aanmelden om geholpen te worden, dan is het meestal al twee jaar aan de gang.

Verontrustend is dat bijna 12% reeds zelfmoord pleegt in het begin: kogel door het hoofd, zich ophangen,… Doeltreffend met de bedoeling geen terugkeer mogelijk.  Deze aandoening heeft een duidelijke invloed op de levensverwachtingen. Het is mogelijk dat een  depressieve zorgvrager  medicijnen inneemt. Bij depressie is doeltreffendheid tot zelfdoding nooit zeker, maar men probeert wel aandacht te krijgen voor zijn of haar probleem.

Één op honderd is een beangstigend statistisch cijfer. Dit is dezelfde kans  om eventueel MS (Multiple Sclerose) als ziekte te krijgen. Mensen in een hoofdstad hebben een groter risico om  schizofrenie te krijgen, dan  op het platteland . Het blijkt dat de winterperiode gevoeliger is om dit te ontwikkelen, dan in de zomer. En mannen krijgen het vroeger, dan vrouwen. Bijgevolg is het bij mannen meestal ernstiger en gaat de aftakeling sneller. Met aftakeling bedoelen we dat deze zieke mensen  niet meer goed kunnen functioneren in onze samenleving. Ze gaan werkelijk gebukt onder hun problemen en worden gestigmatiseerd. Toch zijn er bekende mensen in het verleden die schizofreen waren. Psychose kan bij iedereen voorkomen en heeft niets met intelligentie te maken. Om maar een idee te geven dat zij niet ‘dom’ waren: John Nash, Eduard Einstein (zoon van Albert Einstein), Meera Popkin, Syd Barret (van de groep Pink Floyd), Dr William Watson (zoon van James Watson), Mary Todd Lincoln (vrouw van president Lincoln).

Welke interventies zijn mogelijk om deze ziekte te behandelen? Dr. Mertens spreekt over drie manieren. De primaire interventie bestaat erin gevoelige individuen te behandelen die nog geen symptomen vertonen.  Welke mensen de arts bedoelt weet ik niet. Bijvoorbeeld door terug te vallen op de eerste-lijns-verwantschap van een zorgvrager of het (her)kennen van de  gevoeligheidsmarkers die een duidelijker antwoord moeten geven. De secundaire interventie kunnen in het prodromale stadium uitgewerkt worden. Voor het uitwerken van deze interventiestrategie kunnen  medische-socio-pedagogische netwerken (waar informatie, psychotherapie en eventueel medicatie) naast mekaar gebruikt worden. Tenslotte als tertiaire interventie gaat het erom als arts zijn job te doen en terugval te voorkomen. In de praktijk blijkt dat er zich in de eerste twee interventies nog heel wat technische en ethische problemen voordoen bij schizofrenie. Deze werkmethode is heel belangrijk. De cijfers liegen er niet om: De mortaliteit is 1.6 tot 2.6 keren hoger dan iemand die niet schizofreen is. De levensverwachting is 20% lager dan in de algemene bevolking. De gemiddelde leeftijd bij overlijden is 61 jaar tegenover 76 jaar. Jammer genoeg bepaalt suïcide voor een groot stuk de morbiditeit en de mortaliteit (10% - 12% pleegt zelfmoord).

Waarom vraagt deze zorgvrager niet om hulp of stelt hij of zij dat uit? Ten eerste is het gebrek aan inzicht over de ziekte. Dit kan het geval zijn bij de zorgvrager en bij zijn familie. Ten tweede kan het gebeuren dat sommige huisartsen en andere eerstelijnshulpverleners deze aandoening niet herkennen. Ten derde zijn er de wachtlijsten en overbelasting in de gespecialiseerde diensten, het stigmatiseren van de ziekte, hogere risicogroepen (daklozen, alcohol/druggebruikers, persoonlijkheidsstoornissen,…) bereiken moeilijk deze hulpverlening, en niet te vergeten het verloop van de ziekte zelf (het start traag op, men komt in sociale isolatie). Als er hulp wordt gezocht, dan zijn er een paar factoren die kenmerkend zijn voor een betere evolutie: goed premorbied functioneren, vrouw zijn, goede behandeling, therapietrouw, laag emotioneel klimaat (Expressed Emotions),  scholingsniveau en het ontstaan van de ziekte op een latere leeftijd. Het tegenovergestelde van deze kenmerken én man zijn leidt tot een slechtere prognose.

Tenslotte vind ik  dat deze ziekte echt met aandacht moet behandeld worden. In feite is van wat ik hier heb geschreven maar een klein stukje van een ingewikkeld proces. Er zijn heel veel wetenschappelijke studies met nieuwe inzichten, therapieën en tal van statistieken. Ik begrijp ze niet allemaal, en het zou ons tot meer verwarring leiden. De basis van deze uiteenzetting heb ik proberen uit te leggen voor wie deze aandoening niet zou kennen of denkt te kennen. We hoeven ook niet alles grondig te weten. Sommige zaken die de media halen kunnen voor mij toch wat meer verduidelijkt worden.

zaterdag 10 september 2011

Methodeonderwijs in de lift ?



Met enige verbazing volgde ik deze uitzending i.v.m. methodescholen op Koppen, Vrt één, donderdag 8 september. Ik kon het echt niet nalaten om daar enige commentaar aan toe te voegen.

In het programma toont men drie totaal verschillende scholen die onder de noemer van methodescholen vallen, waarvan voor mij twee extreme vormen van methodeschool. Wat ik wel weet is dat de eindtermen in elk schoolsysteem hetzelfde moeten zijn. In de eerste halve minuut werd alles al gezegd. Wie wegzapte had het al onthouden, en wie bleef kijken was de bevestiging van iets dat onbekend was veel groter: “….maar niet iedereen is enthousiast. Al was het maar dat de slaagkansen later in het secundair of hoger onderwijs niet altijd even groot zijn.” Welke ouder denkt vanaf het moment dat zijn of haar kind naar school gaat dat het doel hoger onderwijs of universiteit is?  Wij hebben zelf een dochtertje dat naar een leefschool gaat - dus methodeonderwijs - en nog nooit is het bij ons opgekomen dat zij zeker hoger onderwijs of universiteit zal moeten studeren.

“Gewoon is wat methodeonderwijs niet wil zijn”. Hebben we even geluk. En toch klopt dit niet. Heel veel klassieke schoolsystemen al of niet katholiek geïnspireerd nemen methodes van dit systeem over. De kloof wordt op bepaald vlak en bij momenten wat kleiner maar ieder behoudt zijn invalshoek. Ik vind dit positief dat we kunnen leren van elkaar. Een kind kiest niet voor een klassiek of methodeonderwijs. Ouders doen dit. Ouders sturen wel en het kind zal tonen dat het zich al of niet goed voelt. En dat geldt niet enkel voor school, maar ook voor alles wat daar buiten gebeurt. Ooit heb ik van iemand deze toch wel straffe reactie gehoord die verteld werd aan een begeleidster van een leefschool: “ik moet je toch wel bewonderen voor al de inspanningen die je doet voor die speciale kindjes”.

Hier doet men aan periodeonderwijs. Wie dit niet kent zal dit maar pas begrijpen in bijvoorbeeld het hoger onderwijs. Het is het systeem waar vakken in modules zitten. Elke module heeft een aantal specifieke vakken. Hiervoor moet je geslaagd zijn om naar een volgende module te kunnen gaan binnen hetzelfde jaar. Je volgt als het ware je eigen leertraject, maar geslaagd en voldoen aan de eindtermen moet je in ieder geval. Het  is een voorbereiding op het hoger onderwijs of universiteit. Toch knap!

 Een kind is niet in staat om alles te ontdekken wat het nodig heeft en als het zogezegd op internet gaat zoeken, dan is het internet zodanig groot dat het daarin verdrinkt. Dat helpt niks. Een kind moet gestuurd worden en geleidelijk aan leren om zichzelf te sturen”. Dit klopt en dit geldt wat mij betreft voor alle kinderen. Je kan dit onmogelijk etiketteren op een methodeschool. Een kind moet rijp zijn om naar een volgende fase in zijn leven over te gaan. Het is aan de ouders in de eerste plaats om de grenzen te bepalen. Opvoeding gebeurt zowel thuis als op school. Alsof ouders of begeleiders van een methodeonderwijs zonder controle bijvoorbeeld een zesjarig kind iets laten opzoeken op het internet.

Een professor is een wetenschapsmens. Met alle respect, maar ik vraag me af of hij wel mee evolueert met de maatschappij die er nu is: een diversiteit van verschillende culturen, meer uitgesproken meningen en wensen van ouders en kinderen. Hoe ontstaat een school? Omdat we inderdaad kennis moeten opdoen. Hoe ontstaat een methodeschool? Omdat we bepaalde dingen op een andere manier willen bekijken en toepassen; leren door ervaring.

Is dit een vaag begrip? Want ik citeer zijn woorden: het begrip methodeschool dat is een vaag begrip geworden”, “ik weet niet meer wat dit voorstelt”, “als ik in mijn school yoga geef, ben ik dan een methodeschool?. Om eerlijk te zijn vind ik die laatste zin een heel simplistische redenering. Ik heb mijn schooltijd gevolgd in een klassiek systeem, en ja ik heb zelfs dansles in de school gevolgd (een jongensschool). Men vergeet dat het hier over een methode gaat en niet over een of andere sport- of relaxatieactiviteit.

 Wanneer je kiest voor een echte methodeschool,dan kies je ook voor een bepaalde filosofie die niet noodzakelijk gericht is om verder te studeren in het hoger onderwijs of universiteit. En dan moet je er ook vrede mee nemen dat kinderen minder slagen aan de universiteit. Als ouders  hebben wij gekozen voor de methode van een leefschool en de filosofie die erin vervat zit. Dat ze een gelukkig kind wordt, daar streven we naar, in gelijk welk schoolsysteem! Of ze later naar de universiteit zal gaan dat weten we nog niet. Hoe zouden wij dat nu al moeten weten?

woensdag 20 april 2011

De held, het zwarte schaap, en de sloor



De ouderenzorg in de thuiszorg door familie staat ter discussie. Hoe kan ik deze vorm van barmartigheid verwoorden in een parabel?:

Er was eens een oudere dame. Zij had drie kinderen.  Dé held, die kwam maar één keer langs. Hij was altijd welkom, ook al kwam hij wanneer hij er zin in had. Het zwarte schaap wou zijn moeder bezoeken, maar was niet welkom. De sloor woonde dicht bij zijn mama. Die had ofwel veel geluk of dikke pech.


Priester Jan

Ik luisterde vandaag naar een uitzending op radio 1 (Peeters en Pichal) over de ouderenzorg in de thuissituatie. Een zekere priester Jan van een of andere parochie wou het taboe doorbreken: “de dwingelandij van oude mensen”. Of ik zou het nog anders kunnen formuleren: de ondankbaarheid tegenover de familiale mantelzorgers. Er wordt wel gezegd dat ouderen wijzer en milder worden met de jaren. Volgens de priester klopt dit niet altijd. “Ze worden egocentrischer”. Het zijn straffe uitspraken vanuit de kerk. Een priester die uit de biecht klapt, maar er snel aan toevoegt dat het geen biecht is. “Biechten is zwijgen erover, geheim houden”, en dat wil hij nu duidelijk niet. De centrale vraag: moeten wij deze man nu gelijk geven of niet? Ik geef hem gelijk, maar niet over de hele lijn. In deze uitzending zijn een aantal aspecten niet ter sprake gekomen, en ook niet zo diepgaand. Ten eerste vind ik dat elke zorgbehoevende ouder uniek is. Dit unieke heeft te maken met zijn/haar karakter, levensgeschiedenis, de familiale contacten, de vrienden en omgeving. Als tweede en belangrijkste factor is het hebben van een mogelijke ziekte. Ik kan mij goed inbeelden als bijvoorbeeld een oudere dementeert dat dit heel wat gevolgen met zich meebrengt. Het gedrag van zo een zorgvrager wordt werkelijk doorheen geschud. Het is belangrijk om als (hulpverlenend) familielid hiermee om te gaan. Het gevoel van ondankbaarheid die hierdoor kan ontstaan moet telkens anders bekeken worden. Vrij lastig? Zeker en vast. Maar er is geen andere oplossing.

Kernwoorden zoals opeising, ten dienste staan, tiranniseren, … passeren hier de revue. Toch is veralgemening niet op zijn plaats. Slechts 1 op 4 ervaart deze familiale mantelzorg als een last. Uit de gesprekken en de lezersreacties merk ik op dat het inderdaad een groot taboe is. Velen weten het wel, maar spreken er liever niet over.  Er komt naar mijn gevoel een gevaarlijk stigma naar boven: ‘alle ouderen zijn ondankbaar’.

Pavlov

Volgens klinisch ouderenpsycholoog Luc Van De Ven (UZ Leuven) is er wel duidelijk een probleem: “het is helaas een vaak voorkomend patroon”. Deze situatie brengt verder nog spanningen, onredelijkheid en stress met zich mee. “Het egocentrisme wordt groter”. Hij verklaart dit door de afname van de cognitieve functies, m.a.w. de scherpe kantjes worden duidelijker. Een luisteraar had een opmerkelijke oplossing. Pas het Pavlov-effect toe. Hoe? ‘Als je nu niet luistert, dan kom ik morgen niet of doe ik dat niet!’ Zo zou de psycholoog het niet willen zien, en zeker niet toepassen. “Bekijk de oudere als volwassene”. Het unieke in de mens, weet je nog. Ik wil benadrukken dat men ouderen niet als kleuters mag behandelen. Hun eigenheid moet bewaard worden.  Maar sommige situaties zijn zo ondraagbaar dat verwensingen worden uitgesproken: ‘laat ze maar snel sterven’, ‘zo kan het niet meer verder’. Dit komt volgens Van De Ven door de machteloosheid van het kind t.o.v. oudere. Moet ik dit nu zien als een noodkreet, hulpkreet? Ik vind van wel. Om tot deze gedachten te komen, is er al heel wat aan vooraf gegaan. Een professionele hulp ontbreekt.

Zowel de priester als de psycholoog zijn van mening dat elke dag op bezoek komen niet goed is. Hetzelfde geldt voor: ‘kan je nee zeggen tegen een eis?’ Nee en eis zijn harde woorden voor beide partijen. Ik vind dat er altijd een schuldgevoel heerst in deze interactie. Een heel gevaarlijke veralgemening  volgens de psycholoog is: ‘je bent maar een goed kind als je zorgt voor je mama/papa’. Hij benadrukte erbij dat elk geval apart moet bekeken worden. Er ontbreekt in deze familiale thuiszorg aan een formule praktische hulp. En inderdaad, wie het dichtst bij de oudere woont heeft meestal de zorgkundige taak.  En complimenten zijn heel ver te zoeken van andere broers en/of zussen. Een vanzelfsprekendheid, wat niet de bedoeling is.

Reactie

De onderliggende frustratie is enorm. Toch wil ik er aan toevoegen dat de meeste kinderen (die voor hun ouders zorgen) geen problemen ondervinden en dat de contacten met andere familieleden goed zijn. Sommige reacties die ik op het forum heb gelezen komen hard aan: “ik kan niet anders”, “We proberen dit zo goed mogelijk te doen maar niet iedereen krijgt de ondersteuning of het luisterend oor dat nodig is”, “geld is in hun hoofd een stok achter de deur waarmee ze denken hun kinderen te gijzelen, en anders veinzen ze wel fysieke ongemakken (waar de dokter vreemd genoeg niks aan doet)”, “degene die er komt krijgt altijd de volle lading”, “Ik zal NOOIT voor hen zorgen en hoop dat ze zo snel mogelijk dood vallen”, …. Zulke uitspraken zijn kwetsend, vind ik. Ik kan me onmogelijk in de plaats stellen van deze mantelzorgers. Ik begrijp wel de onmacht die hierin schuilt.

Thuiszorg prioriteit

De priester verwoordde ‘stank voor dank’. De psycholoog had het over ‘mama’s helpertje’. Ik vind dat er een mogelijkheid bestaat om deze uitspraken om te buigen. Volgens mij is er dringend nood aan een professionele ondersteuning. Onze demografische piramide is al lang geen driehoek meer met de punt naar boven gericht, maar omgekeerd. De vergrijzing neemt zo sterk toe dat rusthuizen niet kunnen volgen. Met als gevolg dat de thuiszorg een prioriteit wordt. Als dat zo is, dan vind ik het meer dan normaal dat mantelzorgers nog beter moeten begeleid worden. Zeker in situaties die eventueel uit de hand kunnen lopen. Diverse oplossingen liggen voor de hand, maar ze moeten ten gepaste tijde kunnen toegepast worden. Vooral het omgaan met onhandelbaar gedrag heeft  aandacht nodig. Ik ben er zeker van dat de familiale hulp hierin tekort schiet. De psycholoog vindt het belangrijk dat ‘je jezelf niet in de zorg verliest’…’dit vormt een gevaar voor gezinsproblemen’.

Het warm water opnieuw uitvinden in de zorg is voor mij niet nodig. Er ligt genoeg professionele hulp op ons te wachten. Een zorg op maat is altijd mogelijk naargelang de omstandigheden. Het liefst van al wil ik dat familiale mantelzorgers geen fatalistische gedachten hebben. Het helpt ons niet verder.