vrijdag 11 december 2009

Kennis van je tegenstander



Wie wat van anatomie kent en wat van gevechtsport, zal begrijpen wat ik bedoel. Als je eerst een goede kennis van anatomie bezit en je beoefent daarnaast nog een verdedigingsport, zal je veel sneller inzicht hebben in het waarom van bepaalde technieken. Omgekeerd; als je eerst goed vertrouwd en ervaren bent met een of andere vorm van krijgskunst en je verdiept je in de anatomie, dan zal je ook veel sneller begrijpen dat die twee zaken onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. De ene kennisverwerving kan niet zonder de ander.

Op gebied van het beenderstelsel zijn de zaken het best begrijpbaar. Je hebt vier types beenderen: korte, lange, platte en onregelmatige. Met sommige van die beenderen kan je iets mee doen. Met een onregelmatige (rugwervel) veel minder, tenzij je van een lange een onregelmatige maakt met een 'soepele' beweging. Het lichaam zit vol met hefboomsystemen, van nauwkeurige tot gewone. Heb je een spier en/of beendergestel vast in een bepaalde positie, dan kan je ermee 'werken'. Spieren en beenderen zijn nauw met elkaar verbonden. Je kan met het vasthouden van één vinger van je tegenstander hem zo gemakkelijk voor je doen knielen, zelfs plat op zijn buik krijgen. We hebben het nog altijd over verdedigingstechnieken!

Kennis van de organen en de bloedsomloop is ook belangrijk. In de eerste plaats om je te beperken tot het louter verdedigen, en vooral niet om het 'af te maken', met zware (interne) verwondingen tot gevolg. Hoewel de grenzen tussen het 'vloeren' en 'net niet pijnigen' soms zo dicht bij elkaar liggen. Een tiental seconden of minder ergens aan het hoofd een bloedvat blokkeren is zo gebeurd en fataal (wat ik in detail niet zal uitleggen). Ofwel ga je snel dood, ofwel ontwikkel je een gevaarlijk hartfalen. Dit is niet de manier om je kennis van anatomie te optimaliseren. Een juiste gerichte stoot met twee vingers in een vitaal orgaan in de buikstreek maakt dat je voor een paar minuten niet meer recht komt. Een rake schop met de snijkant van je voet (zelfs met je blote voet) tegen een bepaald deel van het been, kan er voor zorgen dat je 'vijand' niet of nooit meer kan gaan. Allemaal gevaarlijk.

De anatomie is er niet voor de gevechtsport. Maar de eeuwenoude martial arts heeft wel degelijk te maken met deze anatomie. Hoe kan je anders met weinig energie, concentratievermogen en soepelheid een tegenstander met de blote vuist van je afschudden? Van onschuldige handelingen ter zelfverdediging, tot levensgevaarlijke. Het plaatsen van manuele klemmen met de blote hand, neutraliseren zonder verwondingen, dwingen mee te gaan, zijn allemaal manieren die deze technieken met zich meebrengen. Het lichaam is nuttig voor elke sport, verdediging, medische sector; om zo ons leven/lichaam te kunnen regelen, verbeteren, grenzen te verleggen, te dwingen, enzovoorts.

Zolang je het ziet als een vredelievende sportbeoefening, is het zeker goed. Als je je ooit moet verdedigen, vergeet dan het volgende niet:

Kennis van je vijand, is inzicht in de anatomie!

Geen opmerkingen: